Voor een groeiende groep mensen die vanwege een handicap te kampen hebben met functiebeperkingen is het vaak niet mogelijk om zonder ondersteuning op de arbeidsmarkt actief te zijn. Mensen die al op jonge leeftijd, vrijwel altijd voordat er sprake is van arbeidsdeelname, arbeidsongeschikt zijn verklaard kunnen in veel gevallen een beroep doen op de Wajong-regeling. Tot voor kort werd deze regeling vooral als een inkomensvoorziening gezien zonder arbeidsverplichting. Desondanks blijkt ongeveer een kwart van de Wajongers te werken, waarvan iets meer dan de helft bij SW-bedrijven.
Sinds 1 januari 2010 zijn de regels voor de nieuwe instroom naar de Wajong veranderd. Jonggehandicapten die een verdiencapaciteit hebben van meer dan 20 procent van het wettelijk minimum loon worden voortaan een route richting werk gewezen. In principe wordt pas bij 27 jaar vastgesteld of er recht bestaat op een (aanvullende) Wajong-uitkering. Daarnaast bestaat de Wet Sociale Werkvoorziening (WSW) die is bedoeld voor mensen die uitsluitend onder aangepaste omstandigheden kunnen werken en daarvoor zijn geïndiceerd.
De huidige trend is om meer arbeidsgehandicapten (Wajongers en WSW-ers) op de reguliere arbeidsmarkt een baan te bieden.
In oktober 2009 heeft de RWI onderzoek laten doen naar de voorwaarden waaronder het voor werkgevers mogelijk is om Wajongers in dienst te nemen. Mede op basis van de bevindingen heeft de RWI het advies 'Kansrijker werken met Wajongers' uitgebracht. Daarin zijn concrete aanbevelingen opgenomen om de uitvoeringspraktijk te vereenvoudigen, zodat werkgevers minder belemmeringen ervaren om een Wajonger in dienst te nemen. Geconstateerd is dat de aanvraag van voorzieningen vaak nodeloos complex is en veel eenvoudiger kan worden vormgegeven. Het advies richt zich ook op het beter in beeld brengen van de kwaliteiten en competenties van Wajongers, zodat het voor werkgevers sneller duidelijk is voor welke werkzaamheden en/of functies de Wajongers succesvol ingezet kunnen worden. Aanvullend op deze activiteiten heeft de staatssecretaris van SZW gevraagd aan de RWI om in 2010 onderzoek te doen naar cultuuraspecten die een rol spelen bij acceptatie van Wajongers op de werkvloer.
In 2008 heeft de RWI de samenloop Wajong en WSW in kaart gebracht. Daaruit werd duidelijk dat ultimo 2005, 54 procent van de Wajongers binnen de SW-sector een WSW-dienstbetrekking heeft.
In 2006 heeft de RWI onderzoek laten doen naar de voorwaarden waaronder werkgevers bereid zijn om WSW-ers een arbeidplek te beiden. Dit onderzoek was een belangrijke basis voor de handreiking ‘Buitenkans’, waarin aanbevelingen zijn gedaan aan SW-bedrijven, gemeenten en het rijk om meer WSW-ers in een reguliere werkomgeving te brengen. Daarnaast is in deze handreiking een lijst met succesfactoren opgenomen die van invloed zijn op de mogelijkheden voor werkgevers om arbeidsgehandicapten werk te bieden.