ZOEK

RWI wil behoud instrument voor preventieve reïntegratie

16|04|2003

De Raad voor Werk en Inkomen (RWI) wil verhinderen dat het UWV een belangrijk instrument verliest waarmee instroom in de WW voorkomen of de uitkeringsduur beperkt kan worden. De Raad pleit daarom voor verlenging en uitbreiding van een experiment dat gericht is op snelle reïntegratie van werknemers voor wie collectief ontslag dreigt. Beëindiging van dit experiment in een tijd waarin hiervan weer vaak sprake is, acht de Raad onverstandig. De RWI doet zijn voorstel vandaag in een brief aan minister De Geus van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Het voorstel van de RWI betreft verlenging en uitbreiding van het experiment op grond van artikel 130c van de Werkloosheidswet: het tijdelijk Besluit preventieve inzet wachtgeldfondsen. Kern hiervan is dat er preventief reïntegratieactiviteiten voor met collectief ontslag bedreigde werknemers opgestart worden. Dit Besluit geldt formeel nog tot augustus 2004, maar omdat het vastgestelde maximum van 1000 werknemers inmiddels bereikt is, worden alleen nog aanvragen behandeld die vóór 1 juli 2003 zijn ingediend. Mede gelet op de economische situatie acht de RWI stopzetting van dit beleidsinstrument ongewenst. De Raad pleit bij minister De Geus daarom voor opheffing van de huidige limiet van 1000 deelnemers. Daarnaast verdient het volgens de Raad aanbeveling de looptijd van het experiment te verlengen tot augustus 2006.

De RWI wijst erop dat het experiment van kracht is gegaan in een tijd van economische hoogconjunctuur, terwijl het nu stopgezet dreigt te worden op een moment dat collectieve ontslagen weer vaak voorkomen. Volgens de Raad is het daarom juist nu een nuttig arbeidsmarktinstrument.
Zowel het UWV als het CWI staat achter voortzetting van dit instrument. Het UWV heeft aangegeven dat tot nu toe ongeveer 35% van de deelnemers na afloop van een traject – bestaande uit onder andere sollicitatietraining, scholing en bemiddeling – een nieuwe baan heeft. Naast deze positieve resultaten brengt het experiment weinig kosten met zich mee, omdat er besparingen op de uitkeringen tegenover staan. 

Ten slotte stelt de RWI aan minister De Geus voor om afhankelijk van de ervaringen in 2003 en 2004 in 2005 te beoordelen of het tijdelijke experiment omgezet kan worden in een wettelijke regeling.


Voor de redactie, niet voor publicatie:
De brief aan minister De Geus is als bijlage bij dit persbericht opgenomen. Meer informatie kunt u verkrijgen via Roelof Janssens, hoofd Communicatie bij de RWI, telefoon: 070 789 0 708 of 06 536 11 463.